Mikhail Gorbachev in the International Herald Tribune
As the global financial and economic crisis grows deeper and more severe, we must all rethink some key issues, including the role of the state. One can already predict that the approach to the role of the government that has prevailed over the past few decades will be reversed.
The assault on the state was launched over 30 years ago, with Margaret Thatcher and Ronald Reagan firing the first shots. Economists, businesspeople and politicians pointed their fingers at the government as the source of just about every problem in the economy.
True, there was much to criticize about the way government functioned. At that time, voters had good reasons to support politicians who promised to limit the role of government bureaucracy and to give business more freedom to grow.
Yet there was something else behind the criticism of government. The hidden agenda reflected the interests of those who, while promising that "the rising tide would lift all boats," were more concerned with giving free rein to big corporations, releasing them from important obligations to society and dismantling the social safety net that protected workers.
Globalization ushered in a new phase in the assault on the state, sharpening competition in the markets of goods, services and labor. The principles of monetarism, of social and environmental irresponsibility, and of over-consumption and hyperprofits as engines of the economy and society were positioned as an international standard. The so-called Washington Consensus, which reflected those principles, was force-fed to the world.
Increasingly, the state was squeezed out of various spheres of business and finance, leaving them with practically no oversight. One after another, bubbles were blown and, sooner or later, popped — the digital bubble, the stock market and the mortgage bubbles.
Eventually, global finance as a whole became one huge bubble. In the process, small groups of people created fabulous wealth for themselves while living standards for most people remained stagnant at best. As for the world's poor, commitments to help them were largely forgotten.
This weakening of the state allowed the wild wave of financial fraud and corruption to rise. It was responsible for the invasion of organized crime into the economies of numerous countries and for the disproportionate influence of corporate lobbies, which have grown into gigantic nongovernmental bureaucracies with enormous funds and political leverage. This has distorted the democratic process and severely damaged the social fabric.
September 2008 saw the beginning of a catastrophic collapse of the entire structure. This collapse is burying people's savings under the rubble, bringing down production at an unprecedented rate and leaving millions jobless. It is no exaggeration to say that the economy of every country in the world is now threatened.
Even so, we keep hearing from those who still believe in the magic curative powers of unregulated markets. But today, people are no longer looking to them for solutions. They expect their elected leaders to act. Those leaders must use the tools of government intervention; no other tools are available.
At a time when the economic tsunami is threatening the livelihoods of hundreds of millions of people, we must reconsider the state's responsibility for the security and safety of its citizens. We have heard arguments against the "nanny state" and against "cradle-to-grave security." Indeed, government cannot be all things to all people. But it must at least protect people from financial highway robbery of the kind that it has allowed.
Governments have now assumed the responsibility for rescuing the economy. In meeting this challenge they must not allow huge sums of taxpayers' money to be spent without control. The money must not end up in the hands and pockets of those who always want to "privatize the profits and nationalize the losses."
In a global world, we need to simultaneously clean up the messes in individual countries while building structures for longer-term governance at the international level. The first summit meeting of the Group of 20, held last November in Washington, was a beginning. The composition of the group showed a new awareness of the need for an unprecedented joining of forces.
I want to hope that government leaders — like those in the G-20 who will meet in London in April to discuss the financial crisis — will solve the pressing issues while also laying the groundwork that could stand for decades to come.
The challenges are truly awesome: to define a new role for governments and the international bodies in regulating the economy, to start building economies that are less militarized and do not run on over-consumption and hyperprofits, to harmonize moral and environmental concerns with economic growth.
The task is equal in magnitude to the challenge of warding off the threat of nuclear catastrophe that we faced in the late 1980's. That challenge was met through unprecedented international cooperation and collective leadership that transcended outdated stereotypes and put common interests first.
Posts tonen met het label Gedachten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gedachten. Alle posts tonen
woensdag 18 maart 2009
vrijdag 20 februari 2009
Crisis en Chinese managementtips
Awel merci, da is ier crisis en kwist ekik da nie! (Urbanus, in de jaren '80)
De lichtzinnigheid waarmee politieke leiders omgaan met de huidige economische crisis tart alle verbeelding. Ik weet dat ik mij hier eigenlijk niet hoef over op te winden, vermits ik door mijn land statutair benoemd ben. Mijn loon en mijn postvergoeding zullen in de komende jaren niet dalen en mijn job is niet meteen in gevaar, ook al valt het land in duigen. Ik zou onder de invloed van narcotica een Costaricaanse politieagent mogen omverrijden, dan nog zou mijn werkgever mij als "sanctie" wellicht enkel "terugroepen naar het Hoofdbestuur". Er zijn ergere dingen in het leven. Zoals voor een autoconstructeur in de Tsjechische Republiek werken bijvoorbeeld.
Zo, dit gezegd zijnde wil ik iets kwijt over de nationalistische maatregelen die politici in Europa blijkbaar moeten nemen om hun eigen economie te redden. Dat zij hiermee de bestaansreden van de - reeds erg verzwakte - Europese Unie aantasten en de fundamenten van de Europese constructie ondermijnen, lijkt hen niet op te wegen tegen de bedreigde jobs in hun land. Tja, de huidige politieke generatie heeft WOII nooit meegemaakt en lijkt dan ook niet te beseffen dat hun nationalistische reflexen en hun populisme ook in de jaren '30 "in" waren.
Ook nu zijn we goed op weg naar het "elk voor zich" en "beggar thy neighbour". De Hongaar Sarkozy wil de Franse autoconstructeurs in eigen land houden en kondigt subsidies aan. Diezelfde autoconstructeurs trokken in de jaren '90 ondermeer naar Oost- en Centraal-Europa om daar de loonkosten te gaan drukken (lees: meer geld te verdienen). Daarna trokken ze naar China, Brazilië, Indië.
Landen zoals Frankrijk, maar ook België, organiseerden en organiseren nog steeds - op kosten van de belastingbetaler - economische en handelsmissies om "groeilanden" te gaan ontdekken. Europese ambassades in China zijn de laatste tien jaren trouwens veranderd in tour operators, die dit soort missies ondersteunen en begeleiden. Hierbij worden de "nationale" bedrijven in de watten gelegd met recepties, walking diners, lunchen met staatshoofden, een vriendelijke glimlach van Prinses Mathilde, enzovoort. Enerzijds wordt er dus "lang leve de globalisering!" geroepen en wordt de delocalisering aangemoedigd onder het mom van het "ontdekken van nieuwe markten", anderzijds wordt aan de noodrem getrokken als de fabrieken in eigen land dreigen dicht te gaan.
Misschien zijn er nog politici die werkloosheid en armoede een fundamenteel maatschappelijk probleem vinden. En misschien is er binnen deze kleine deelverzameling ook nog een politicus die durft toe te geven dat zijn macht op nationaal vlak quasi nihil is geworden (wie kiest er nu voor een politicus die zegt: kies mij, maar het spijt mij, ik ga niets of zeer weinig kunnen doen. De macht ligt bij de banken, investeringsfonds en de multinationals). Dit soort politici moet - gegeven de nationale onmacht - ervoor pleiten op Europees en internationaal niveau samen te werken.
Wat me niet minder misselijk maakt is het type guru-manager dat in dit soort periodes steevast verkondigt dat de Chinese taal het teken voor "crisis" weergeeft door een samenvoeging van de tekens voor "gevaar" en voor "opportuniteit, kans". Buiten de linguistische opmerking dat van deze new-age-manager-boutade niets klopt (zie: http://www.pinyin.info/chinese/crisis.html), kan een natuurliefhebber enkel opmerken dat de enige diersoort die in de dagelijkse slachting op de beurzen en op de werkvloer van de bedrijven een KANS ziet, een gier of een mestkever is. Aan de Chinezen één of andere vermeende taoïstische überwijsheid toeschrijven die neerkomt op roekeloosheid (of "moed" die onbeheerste gulzigheid verbergt), is voor deze eeuwenoude cultuur ronduit beledigend. Crisis betekent gevaar, voorzichtigheid is geboden, vlucht als je kan of maak je op om te strijden, want er zullen slachtoffers vallen. Ook voor Chinezen.
De lichtzinnigheid waarmee politieke leiders omgaan met de huidige economische crisis tart alle verbeelding. Ik weet dat ik mij hier eigenlijk niet hoef over op te winden, vermits ik door mijn land statutair benoemd ben. Mijn loon en mijn postvergoeding zullen in de komende jaren niet dalen en mijn job is niet meteen in gevaar, ook al valt het land in duigen. Ik zou onder de invloed van narcotica een Costaricaanse politieagent mogen omverrijden, dan nog zou mijn werkgever mij als "sanctie" wellicht enkel "terugroepen naar het Hoofdbestuur". Er zijn ergere dingen in het leven. Zoals voor een autoconstructeur in de Tsjechische Republiek werken bijvoorbeeld.
Zo, dit gezegd zijnde wil ik iets kwijt over de nationalistische maatregelen die politici in Europa blijkbaar moeten nemen om hun eigen economie te redden. Dat zij hiermee de bestaansreden van de - reeds erg verzwakte - Europese Unie aantasten en de fundamenten van de Europese constructie ondermijnen, lijkt hen niet op te wegen tegen de bedreigde jobs in hun land. Tja, de huidige politieke generatie heeft WOII nooit meegemaakt en lijkt dan ook niet te beseffen dat hun nationalistische reflexen en hun populisme ook in de jaren '30 "in" waren.
Ook nu zijn we goed op weg naar het "elk voor zich" en "beggar thy neighbour". De Hongaar Sarkozy wil de Franse autoconstructeurs in eigen land houden en kondigt subsidies aan. Diezelfde autoconstructeurs trokken in de jaren '90 ondermeer naar Oost- en Centraal-Europa om daar de loonkosten te gaan drukken (lees: meer geld te verdienen). Daarna trokken ze naar China, Brazilië, Indië.
Landen zoals Frankrijk, maar ook België, organiseerden en organiseren nog steeds - op kosten van de belastingbetaler - economische en handelsmissies om "groeilanden" te gaan ontdekken. Europese ambassades in China zijn de laatste tien jaren trouwens veranderd in tour operators, die dit soort missies ondersteunen en begeleiden. Hierbij worden de "nationale" bedrijven in de watten gelegd met recepties, walking diners, lunchen met staatshoofden, een vriendelijke glimlach van Prinses Mathilde, enzovoort. Enerzijds wordt er dus "lang leve de globalisering!" geroepen en wordt de delocalisering aangemoedigd onder het mom van het "ontdekken van nieuwe markten", anderzijds wordt aan de noodrem getrokken als de fabrieken in eigen land dreigen dicht te gaan.
Misschien zijn er nog politici die werkloosheid en armoede een fundamenteel maatschappelijk probleem vinden. En misschien is er binnen deze kleine deelverzameling ook nog een politicus die durft toe te geven dat zijn macht op nationaal vlak quasi nihil is geworden (wie kiest er nu voor een politicus die zegt: kies mij, maar het spijt mij, ik ga niets of zeer weinig kunnen doen. De macht ligt bij de banken, investeringsfonds en de multinationals). Dit soort politici moet - gegeven de nationale onmacht - ervoor pleiten op Europees en internationaal niveau samen te werken.
Wat me niet minder misselijk maakt is het type guru-manager dat in dit soort periodes steevast verkondigt dat de Chinese taal het teken voor "crisis" weergeeft door een samenvoeging van de tekens voor "gevaar" en voor "opportuniteit, kans". Buiten de linguistische opmerking dat van deze new-age-manager-boutade niets klopt (zie: http://www.pinyin.info/chinese/crisis.html), kan een natuurliefhebber enkel opmerken dat de enige diersoort die in de dagelijkse slachting op de beurzen en op de werkvloer van de bedrijven een KANS ziet, een gier of een mestkever is. Aan de Chinezen één of andere vermeende taoïstische überwijsheid toeschrijven die neerkomt op roekeloosheid (of "moed" die onbeheerste gulzigheid verbergt), is voor deze eeuwenoude cultuur ronduit beledigend. Crisis betekent gevaar, voorzichtigheid is geboden, vlucht als je kan of maak je op om te strijden, want er zullen slachtoffers vallen. Ook voor Chinezen.
vrijdag 13 februari 2009
Amaryllis
Geen tijd.
Afspraken maken.
Boodschappen doen.
Naar de kapper gaan.
Werken.
Honderd excuses om niet hoeven stil te staan, met beide voeten in het ogenblik, genietend van de zon op je huid, wetend dat elk moment het laatste kan zijn.
In onze tuin in Escazu beginnen de amaryllissen te bloeien.
In één seconde van zich tot vervelens toe herhalende menselijke onverschilligheid, opent zich ergens schoonheid. We zijn altijd omringd door kleine vensters en kleurige mosaïeken, die we zelfingenomen voorbijwandelen tot we grijs zijn.
Afspraken maken.
Boodschappen doen.
Naar de kapper gaan.
Werken.
Honderd excuses om niet hoeven stil te staan, met beide voeten in het ogenblik, genietend van de zon op je huid, wetend dat elk moment het laatste kan zijn.
In onze tuin in Escazu beginnen de amaryllissen te bloeien.
In één seconde van zich tot vervelens toe herhalende menselijke onverschilligheid, opent zich ergens schoonheid. We zijn altijd omringd door kleine vensters en kleurige mosaïeken, die we zelfingenomen voorbijwandelen tot we grijs zijn.
vrijdag 6 februari 2009
Storm
Sommige dagen moet men door het oog van de storm. Alles lijkt verwarrend, niets komt samen, je verzetten helpt niet. Je voelt een bedreiging, maar je weet niet vanwaar die komt. Je weet dus ook niet in welke richting je moet weglopen of waar je het gevaar in de ogen moet kijken.
Amon, ex-IRA, die dankzij een kogelwonde in zijn maag bier in zijn keelgat kon gieten zonder te moeten slikken (een feit dat ik zeer kon bewonderen toen ik 19 was), zei het volgende: is het een kwestie van leven of dood? Daarna at hij zijn frieten verder op met de filosofische bemerking "there's only one way to eat fries: with mayonaise!"
Amon, ex-IRA, die dankzij een kogelwonde in zijn maag bier in zijn keelgat kon gieten zonder te moeten slikken (een feit dat ik zeer kon bewonderen toen ik 19 was), zei het volgende: is het een kwestie van leven of dood? Daarna at hij zijn frieten verder op met de filosofische bemerking "there's only one way to eat fries: with mayonaise!"
donderdag 5 februari 2009
Parasiet
Parasiet
Er bestaat geen andere verklaring voor het leed dat we mekaar aandoen, de extremiteit waarmee we dat doen, de middelen die we daarvoor ontwerpen, vrijmaken, inzetten, dan dat we "buiten onszelf" zijn. Ik bedoel dit letterlijk. We spenderen het grootste deel van ons leven in een dwaalhof dat zich buiten onze innerlijke rust bevindt. Meestal vergeten we dat er überhaupt zoiets bestaat als innerlijke rust. En we voelen ons in dat dwaalhof dermate slecht en vervreemd dat we anderen - of de wereld - daarvoor verantwoordelijk stellen. Onze agressie ten opzichte van onze medemens toont onze onmacht en ons extreem onbehagen.
In één van de (latere en meer esoterische en soms bizarre) boeken van Carlos Castaneda staat er dat de mens gevangen wordt gehouden door een soort parasitaire bewustzijnsvorm, die zich voedt met de energie die "het drama van ons leven" doet vrijkomen. Om deze parasiet van ons lijf te krijgen moeten we "de wereld stoppen". Hiermee bedoelde Castaneda vooral dat we de constante stroom van emoties, gedachten en reakties die door ons heen gaan, moeten leren stil te leggen.
Zoals ik al zei, de latere theorieën van Castaneda zijn zelfs voor mij vaak uiterst bizar. Maar neem even aan dat er een grond van waarheid in schuilt. Denk er gewoon als gedachtenoefening even over na: je bent totaal machteloos om jezelf te bevrijden uit jouw eigen gedachten- en emotiestroom. Je vindt geen rust in dit leven en in jezelf. En alle emoties, alle drama, scheldtirades, ruzies, wraakacties zullen jou persoonlijk niet dichter bij je innerlijk rustpunt brengen. En een parasiet houdt je gevangen en slorpt jouw energie op, dag na dag.
Ik krijg hier verschrikkelijk jeuk van. U?
Er bestaat geen andere verklaring voor het leed dat we mekaar aandoen, de extremiteit waarmee we dat doen, de middelen die we daarvoor ontwerpen, vrijmaken, inzetten, dan dat we "buiten onszelf" zijn. Ik bedoel dit letterlijk. We spenderen het grootste deel van ons leven in een dwaalhof dat zich buiten onze innerlijke rust bevindt. Meestal vergeten we dat er überhaupt zoiets bestaat als innerlijke rust. En we voelen ons in dat dwaalhof dermate slecht en vervreemd dat we anderen - of de wereld - daarvoor verantwoordelijk stellen. Onze agressie ten opzichte van onze medemens toont onze onmacht en ons extreem onbehagen.
In één van de (latere en meer esoterische en soms bizarre) boeken van Carlos Castaneda staat er dat de mens gevangen wordt gehouden door een soort parasitaire bewustzijnsvorm, die zich voedt met de energie die "het drama van ons leven" doet vrijkomen. Om deze parasiet van ons lijf te krijgen moeten we "de wereld stoppen". Hiermee bedoelde Castaneda vooral dat we de constante stroom van emoties, gedachten en reakties die door ons heen gaan, moeten leren stil te leggen.
Zoals ik al zei, de latere theorieën van Castaneda zijn zelfs voor mij vaak uiterst bizar. Maar neem even aan dat er een grond van waarheid in schuilt. Denk er gewoon als gedachtenoefening even over na: je bent totaal machteloos om jezelf te bevrijden uit jouw eigen gedachten- en emotiestroom. Je vindt geen rust in dit leven en in jezelf. En alle emoties, alle drama, scheldtirades, ruzies, wraakacties zullen jou persoonlijk niet dichter bij je innerlijk rustpunt brengen. En een parasiet houdt je gevangen en slorpt jouw energie op, dag na dag.
Ik krijg hier verschrikkelijk jeuk van. U?
Abonneren op:
Posts (Atom)